Bram Bosch stopt met zijn sportzaak in Santpoort-Noord

Al bijna 29 jaar slaan sportliefhebbers uit de regio met een glimlach de deur van Bosch Sport achter zich dicht. De één met een nieuw paar schaatsen, een ander met een hockeystick, tennisracket, balletpakje of hardloopschoenen.

Lang zal dat niet mee duren. Eigenaar Bram Bosch – bijna 65 jaar – sluit dit jaar zijn sportwinkel in de Hoofdstraat in Santpoort-Noord.

„Eerlijk gezegd ben ik het wel een beetje zat. Ik hoor wel eens mensen die werknemer zijn, praten over een sabbatical of het aantal vakantiedagen dat zij nog hebben staan. Bij een winkelier werkt dat niet zo. Staan mensen niet bij stil.”

Bovendien: elk jaar ging er een hapje af van de inkomsten, mede veroorzaakt door de opkomst van de webshops. „De klant is minder trouw geworden. Wat ik ’s winters verdien met de verkoop van schaatsen, moet ik in de zomer weer inleveren. De afgelopen zomer, toen het zo warm was, zat ik om 9 uur klaar, maar de eerste koper kwam om half twaalf binnen.”

Elfstedentocht

Bosch, woonachtig in Velsen-Noord, is al zijn hele leven een sportliefhebber. Hij voetbalde lang in het eerste van KIC, het huidige FC Velsenoord. De laatste Elfstedentocht (1997) heeft hij uitgereden.

In 1976 begon hij, net uit militaire dienst, met zijn zwager en voormalig Haarlem-speler Piet Huyg een sportwinkel in de Haarlemse Cronjéstraat. Veertien jaar later opende Bosch zijn eigen zaak in Santpoort-Noord. Zijn vrouw en kinderen hebben ook hun steentje bijgedragen. Zoon Lars is al zo’n twintig jaar werkzaam in de winkel.

De verkoop van schaatsen en hardloopschoenen stond vroeger bovenaan. Voor schaatsen – en slijpen – komen ze nog steeds, maar de verkoop van balletpakjes heeft die van hardloopschoenen verdrongen van de tweede plaats.

Ook skeelers waren ooit een veel gevraagd product, mede omdat Bosch Sport er een eigen skeelerschool bij had. „Maar na het ongeluk in de IJ-tunnel in 1999 tijdens de Dam tot Damloop werden de skeeleraars bang. Het aantal cursisten bij ons daalde met de helft.”

Bosch heeft de goede tijd voor de middenstand meegemaakt, maar de winkelier heeft het lastig gekregen door de concurrentie van de webshops.

„Vroeger had je een vakdiploma nodig als je een product wilde verkopen. Is niet meer zo. Het is een soort laat-maar-gaan-wereld geworden. Er zijn geen regels meer. We worden geregeerd door 150 consumenten in de Tweede Kamer die geen idee hebben wat je allemaal doet in een winkel. Ze zouden het speelveld voor fysieke winkels eerlijker moeten maken. In Frankrijk bij voorbeeld mag je niet gratis een pakje versturen. In Nederland wel.”

Maar Bosch is er heilig van overtuigd dat de middenstander in tegenstelling tot de webwinkel op de duur gaat overleven. „We worden al jaren over het succes van de webwinkels door mensen als hoogleraar Cor Molenaar in de maling genomen.

Banenmotor

Pasgeleden werd in een tv-programma het bedrijf Coolblue de hemel in geprezen. ’Maar het maakt nog geen winst’, zei een man van het blad Quote in een bijzin. Minister Ollongren antwoordde daarop dat Coolblue wel een banenmotor is. Dan denk ik: Weet je wat voor banen je verheerlijkt? Banen voor mensen die pakjes over een lopende band laten rennen en voor bezorgers die zich voor te weinig geld wezenloos racen in hun busje. Zo’n jongen moet wel een huftertje in het verkeer zijn, want anders is zijn bussie ’s avonds nog half vol.”

„Maar”, zegt Bosch, „er is een omslag gaande. Ik ben het volkomen eens met Hans van Tellingen (specialist in winkelcentrumonderzoek, red.) die boeken heeft geschreven waarin hij aantoont dat de stenen winkel het gaat winnen van de webwinkel.’’

,,Aan de verkoop op internet kun je niet verdienen. En je ziet nu al dat mensen het beu worden dat bezorgers door een woonwijk scheuren en dat pakjes te laat arriveren. Ook buren die overdag wel thuis zijn, zijn het zat om voortdurend pakjes van anderen in ontvangst te moeten nemen.”

Politiek

Het is Bosch ten voeten uit. Hij mag graag tegen heilige huisjes schoppen. Wie bij hem binnenloopt, krijgt niet alleen advies over sportmateriaal en -kleding.

Hij vertelt ook ongevraagd een hilarische sportanekdote of geeft mening over een politiek of sportief issue. In 1999 was hij bijna raadslid voor Velsen 2000. „Ik kwam vier stemmen te kort. Het was misschien ook beter om geen raadslid te zijn. Als lokale winkelier kun je beter niet bij een kerk of politieke partij horen. Dat gaat een beetje schuren.”

Wie of wat er na zijn afscheid in zijn winkel komt, weet hij nu nog niet. Wat hij wel weet: opa Bram gaat in Artis regelmatig genieten van zijn vier kleinkinderen. „En misschien ga ik net als vroeger vrijwilligerswerk doen in Heliomare in Wijk aan Zee. Ook zou ik wel een dagje in de week les willen geven op een detailhandelsschool.”

Door Govert Wisse

Bron: IJmuider Courant januari 2019

banner_static5